maandag 22 augustus 2016

De stoel (2)

Er is iets in de persoon van Michel Houellebecq, de Franse schrijver, dat mij diep ontroert en tegelijk aan het lachen maakt. Toen ik voor de eerste keer zijn expositie in het Palais de Tokyo bezocht, was ik in eerste instantie verward. De expositie, die voornamelijk uit foto's bestaat, doet denken aan de kunst in De kaart en het gebied en komt me even voor als een mystificatie, die ten doel heeft de moderne kunst te bekritiseren. Er zitten zeker foto's tussen die ik mooi vind, maar meer dan de foto's, vallen de stoelen me op, die in elke ruimte staan. De reden dat ik de stoelen zo mooi vind, is omdat ik voor me zie hoe Michel Houellebecq de expositie inrichtte en erop hamerde dat er meer stoelen moesten komen! Dit beeld ontroert me.

De eerste zalen van de expositie zijn erg donker, waardoor de foto's goed uitkomen. Ik zie een man een papier voor een foto houden. Dichterbij gekomen, zie ik dat het een informatieblad is dat hij probeert te lezen. Het was me niet opgevallen dat er informatieblaadjes bij de ingang lagen, maar ze blijken veel licht te werpen op wat eerst vervreemdend was. Ze zijn door Houellebecq zelf geschreven. Bij elke ruimte geeft hij een kort commentaar, bijvoorbeeld waarom hij bepaalde foto's heeft gekozen, of wat voor toevallige gedachte daarbij in hem op was gekomen. Bij kamer vijf lees ik: “I like creating rooms where you can take a break, as well. That's why I put seats in – seats are a total obsession!”

In een kamer die als een huiskamer is ingericht, kun je een Nederlandse documentaire over Michel Houellebecq kijken. De documentaire doet verslag van de uitreiking van de Prix de Goncourt, de meest prestigieuze Franse prijs voor de literatuur. In de aanloop worden allerlei mensen die hierbij betrokken zijn, geïnterviewd over Houellebecq. Uiteindelijk wordt de uitslag bekend gemaakt. Het is niet Houellebecq.

Twee vrouwen zijn intussen naast mij gaan zitten. Ze zitten net als ik onderuitgezakt, alsof ze thuis op de bank tv kijken. Het voelt wel vreemd om het huiskamergevoel te delen met mensen die ik niet ken. In de documentaire wordt een fragment getoond van de film La Rivière, van Houellebecq. De film gaat over twee naakte vrouwen die in een huis naast een rivier wonen. Na een scène waarin de ene vrouw de andere oraal bevredigt, waar maar geen einde aan lijkt te komen, kijken ze met een verrekijker uit over de rivier. “Het is hier wel veranderd.”, zegt de vrouw met de verrekijker. “Er zijn andere mensen komen wonen.” Door de verrekijker zien we twee andere naakte vrouwen door de rivier waden.

Na alle donkere kamers kom ik plotseling in een grote fel verlichte ruimte waarin de vloeren en wanden bekleed zijn met schreeuwerige ansichtkaarten en reclameposters. Ik moet even bekomen van de schok. Houellebecq schrijft: "I want maximum saturation, I want it painful, I want the colours garish. I think saturation and tourism go well together. Tourism is a shock."

Een andere kamer is volledig gewijd aan de hond van Houellebecq. Bij de ingang hangt een ingelijste foto van de grafsteen van Clement. In een vitrinekast zijn alle speeltjes uitgestald die de hond gedurende zijn leven heeft gehad. Aan de wanden hangen tientallen buitengewoon amateuristische aquarellen die Houellebecq heeft gemaakt van zijn hond, met titels als: Nieuwsgierig naar alles. In een aangrenzende ruimte is een diashow te zien met alle foto's die Houellebecq van zijn hond heeft gemaakt. Een lied van Iggy Pop op tekst uit De mogelijkheid van een eiland begeleidt de foto's.

“Buffon zei: Stijl is de mens.”, aldus Houellebecq: “Dat is niet onjuist.”
Ik heb er over het algemeen een hekel aan als mensen meer geïnteresseerd zijn in het leven van de schrijver, dan in zijn werk. In het geval van Houellebecq zou ik een uitzondering willen maken. Zowel zijn stijl als zijn persoon hebben iets, dat mij diep ontroert en tegelijk aan het lachen maakt.

De laatste zin op het informatieblaadje bijvoorbeeld: “Suddenly, an intrustive, gloomy romanticism emerges re-enligthening the whole, and a second visit can begin. That would mean total succes, and I can't hope for it very often; if I get there with one or two people a day, then that will be fine.”

Maar eerst even zitten

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen