zondag 17 april 2016

Gasmaskers en mitrailleurs

Met vier zwaar bewapende soldaten die over de volle breedte van de weg voor ons lopen, voelen Sandrien en ik ons niet zo prettig. Niet alleen omdat de soldaten niet zo snel lopen, want ja, je gaat ze toch maar niet voorbij, ook omdat we even geleden nog naar vogeltjes keken die een nestje bouwden in een dakgoot en even vergeten waren dat de wereld duister en eng is.
In de Egyptische afdeling van het Louvre werden we diezelfde dag geconfronteerd met mummies van vogels en katten en een incidentele krokodil, maar er is toch iets in de omgang van de Egyptenaren met de dood, waardoor je alleen maar vrolijk kunt worden. Misschien komt het door het veelkleurige glas waarmee ze hun beelden inleggen, of de ongelooflijke schoonheid van de beelden, of door het feit dat de farao's zelf je vanaf hun sarcofaag toelachen.
We blijven tot sluitingstijd, tot de suppoosten ons zelfs in het Engels vragen op te krassen. Op straat horen we de sirenes alweer dichterbij komen. De weg wordt afgezet. We horen een zacht gebrom dat steeds luider en luider en al snel oorverdovend wordt. Een auto met daarop een vrouw met een gasmasker en een diskjockey blijkt een optocht van honderden motoren aan te kondigen. Het is een demonstratie onder andere tegen een wet die vervuilende voertuigen uit de stad moet weren. Vanuit de verte zie ik nog dikke rookwolken boven de straat hangen. Als er niet genoeg argumenten voor de wet waren, dan zijn ze er nu. Ik moet nog eens denken aan de prachtig gekleurde Egyptische beelden en dan aan de zwartgeblakerde beelden die de Parijse paleizen tooien.
Overmand door soortgelijke melancholische gedachten drinken we in een cafeetje een biertje. Er zit een vrouw te zuigen op een elektrische sigaret, te vapen. Dat is zeer populair in Parijs. Steek dan een sigaret op, denk ik bij mezelf. Dit ziet er niet uit.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten