zaterdag 1 augustus 2015

De hongerkunstenaar

Als ik weer eens in het Rijks of Van Gogh ben, denk ik wel eens: 'Woonde ik maar in Amsterdam, dan was ik hier elke dag, dan kon ik wakker worden bij de korenvelden en in slaap vallen voor de nachtwacht.' Natuurlijk is het juist andersom, als je ergens dichtbij woont, kom je er nog maar zelden. Ik ben vaker in het Rijksmuseum dan in het Groninger. Met die gedachte en om Werkman te bekijken, loop ik vanochtend de 750 meter tot de ingang van het Groninger Museum.

Ik ben licht geërgerd als ik erachter kom dat ik me eerst door enkele zalen conceptuele kunst heen moet worstelen, je merkt, ik ben licht bevooroordeeld. Song Dong is de kunstenaar. De eerste zalen bevatten video's van bijvoorbeeld spiegels die kapotgeslagen, verbrand worden. Vooral het laatste levert mooie beelden op. De spiegels bieden genoeg symboliek zonder al te duidelijk te zijn. Gaat het werk over Chinese politiek, vertekende beelden in de media, Song Dongs relatie met zijn vader?
De zalen worden bewaakt door poppen van politieagenten, die tegelijk zelfportretten zijn. Het is een niet heel origineel idee dat je zelf je eigen bewaker bent (zie Foucault), maar de uitwerking is wel erg goed. Een kunstwerk bestaat uit snoepjes die je volgens een bordje mag(!) opeten. Ik heb het niet gedaan en nu ik dit schrijf, bedenk ik pas dat dat waarschijnlijk te maken had met de vijf poppen die erachter stonden.
Het werk dat mij het meest raakt, bestaat uit een verzameling stenen. Ik wil er haast aan voorbijlopen als ik een paar kinderen met kwasten op de stenen zie tekenen. Je kunt met water op de stenen tekenen/schrijven. Ik ga meteen aan het werk en ben verbaasd over hoe mooi het werkt en hoe lang de tekening op de rots blijft staan. Song Dong was ooit begonnen met dit waterschilderen om materiaal uit te sparen. Het water komt terug in veel van zijn werk, omdat het ook staat voor het opgaan in de tijdelijke handeling, als in het taoïsme.
Ik dacht hier zelf laatst over na, omdat ik tijdens het schilderen lang bezig was met details, om deze vervolgens volledig uit te wissen. Een voltooid schilderij bestaat vaak uit verschillende schilderijen over elkaar geschilderd. Ik denk dat het belangrijk is om uren te kunnen werken aan iets dat je vervolgens uitwist. En soms blijft er nog iets moois achter.

Nu is het tijd voor Werkman. Bij mijn ouders hingen vroeger altijd reproducties van Werkman boven de bank. Inmiddels hang ik daar, maar ik ben dus wat nostalgisch als het om Werkman gaat. In het museum merk ik dat ik nooit goed naar zijn werk heb gekeken. Ik herinnerde me de eenvoudige, kinderlijke vormen, maar niet de gevoeligheid in toon en kleur. Van de Chassidische legenden hangt elk werk in duplo, een vetgedrukte en een zachtere met meer tekening. Door zijn eigen manier van drukken, was elke druk uniek. De zachte variant van een werk van een man met een engel, vind ik erg mooi. De engel verdwijnt haast in de achtergrond. Het lijkt ook lichaam en ziel te verbeelden, omdat de man en de engel een identieke gestalte hebben. 
Het experiment is belangrijk voor Werkman. Hij was een kunstenaar uit armoede, wordt in een documentaire over hem gezegd. Wanneer er weinig opdrachten binnenkwamen, werkte Werkman aan zijn drukjes. Hendrik de Vries glimlacht als hij zegt: “Eigenlijk wel toepasselijk, Werk-man.”
Sandberg vertelt hoe hij Werkman meenam naar een depot van het Rijksmuseum. Voor Werkman die niet veel gelegenheid had om te reizen, was dit een heel bijzonder ervaring.

In het Ploegpaviljoen hangt ook nog werk van Werkman, waaronder schilderijtjes. Elke keer als ik het Ploegpaviljoen bezoek, vallen me weer andere schilderijen op. Nu trekken de aquarellen van Alida Pot mijn aandacht. Geweldig dynamische, kleurige werken van simpele onderwerpen.
Een schilderij van Johan Dijkstra hangt tussen twee glazen wanden. Op de achterkant van het doek staat namelijk een tweede schilderij. Uit armoede werden beide zijden van het linnen gebruikt.

Wanneer ik naar huis wil gaan, loop ik door een zaal die volhangt met schilderijen. Tussen een Isaac en een Josef Israëls, zie ik een mooi schilderij van een witte muur. De muur neemt bijna het volledige werk in beslag, maar het is een spannend schilderij. Het heeft ook iets bekends en dan zie ik het, het is een Helmantel.


Ik heb de rijkdom om dagelijks het Groninger museum te bezoeken en toch kom ik er veel te weinig. Ik ben er vandaag weer achter gekomen dat de schatten van Groningen de tocht zeker waard zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten