woensdag 12 augustus 2015

Sketchbook project

 Eerder heb ik een blog gepost over "the sketchbook project". Dit project richt zich op uitwisseling van kunst, voornamelijk onder kunstenaars, zodat zij elkaar kunnen inspireren. In Brooklyn staat een bibliotheek vol met schetsboekjes, die je, als je beschikt over het gratis ledenpasje, mag doorbladeren.
Ik heb daar een schetsboek gekocht met als doel deze uiteindelijk aan de bibliotheek toe te voegen. Mijn schetsboekje bleef echter lange tijd leeg. Gisteren ben ik dan toch maar begonnen hem te vullen, zie hieronder de eerste collageschetsjes (je kunt er op klikken voor vergroting):






vrijdag 7 augustus 2015

Vlammende inkt en vloeibare perenbomen

In de wanden van de pergola groeien perenbomen die om de spijlen heen zijn gegroeid. Het hout lijkt haast vloeibaar, alsof het is gesmolten in de brandende zon. De peren zijn nog wat klein. Uit het dak hangen sperziebonen naar beneden, als slingers. Met mijn broertje Pieter loop ik door de tuin van museum de Buitenplaats. In de beeldentuin raak ik bijna verdwaald in een doolhofje dat veel te klein is om in te verdwalen. De tuin gaat langzaam over van een organische, moderne stijl die past bij de architectuur van het museum, naar een klassiekere stijl, bij het Nijsinghhuis. Het eindigt in een appelhof, met oude appelrassen.
Het is een prachtige tuin, maar met dit weer, zoeken we snel weer verkoeling het museum. We zijn hier tenslotte voor de expositie. Museum de Buitenplaats heeft kleine, overzichtelijke, maar toch vaak indrukwekkende exposities. Die van Jan van der Kooi, Jan Steen, Co Westerik, Reinder Homan & Pieter Pander, Rein Pol bijvoorbeeld, waren allemaal erg goed.
Nu is er een solo-expositie van Hans Lemmen. Het werk bestaat uit tekeningen en beelden. Ik ben meteen erg onder de indruk van zijn kleine inkttekeningen. De inkt heeft bijzondere structuren. Ik vraag me af of hij dit bereikt door de preparatie van het papier (met caseïne-oplossing en pigmenten), of door het opbrengen van sterk verdunde inkt in verschillende lagen. Het lijkt me in elk geval een moeilijke techniek. De structuur werkt prachtig in een tekening van een mysterieus landschap in het silhouet van een hoofd. Het landschap doet me denken aan Jeroen Bosch.
Het thema in Lemmens werk is de mens als dier in een geordende, kunstmatige omgeving, althans zo interpreteer ik het. “Soms is het wel erg symbolisch”, zegt Pieter. Dat vind ik ook. In sommige tekeningen lijkt alles ondergeschikt te zijn aan de symboliek. In een grote gevoelige tekening van een man die een hond aan zijn halsband meesleept, verschijnt achter hen opeens een elektriciteitsmast in het vetste krijt op het papier gekrast.
Het past wel weer bij de humor die zijn werk kenmerkt. Als Pieter zegt dat een tekening hem ergens aan doet denken, weet ik het een tijdje later opeens: “Kamagurka!”
Er staan ook verschillende beelden. Deze beelden passen thematisch bij de tekeningen, maar verschillen in stijl. Een soort sfinx bewaakt de doorgang naar de eerste verdieping, waar een engel door de muur loopt. Pieter staart naar een beeld van een man met kanonskogels op zijn hoofd. “Als je hier te lang naar kijkt, krijg je hoofdpijn", zegt hij. Als we moeilijk zitten te kijken naar een aapmens die uit zijn vacht loopt, loopt er man langs die het beeld een slinger geeft. Het draait in het rond. Het beeld hangt met een touw aan het plafond.
Als we het museum verlaten, ben ik behalve verlamd door de hitte, vervuld van de kunst. Het spijt me wel dat we het Nijsinghhuis niet kunnen bezoeken (deze is alleen op vrijdag open voor rondleidingen). Ik herinner me hoe ik tien jaar geleden met het Willem Lodewijk Gymnasium, met Uit de kunst, een rondleiding kreeg. De wandschilderingen van Mathijs Röling, het erotisch kabinet van Wout Müller. Ik meen me ook te herinneren dat op een eikenhouten deur exact de structuur van eikenhout was geschilderd.

Die herinnering moeten we een volgende keer maar controleren.

zaterdag 1 augustus 2015

De hongerkunstenaar

Als ik weer eens in het Rijks of Van Gogh ben, denk ik wel eens: 'Woonde ik maar in Amsterdam, dan was ik hier elke dag, dan kon ik wakker worden bij de korenvelden en in slaap vallen voor de nachtwacht.' Natuurlijk is het juist andersom, als je ergens dichtbij woont, kom je er nog maar zelden. Ik ben vaker in het Rijksmuseum dan in het Groninger. Met die gedachte en om Werkman te bekijken, loop ik vanochtend de 750 meter tot de ingang van het Groninger Museum.

Ik ben licht geërgerd als ik erachter kom dat ik me eerst door enkele zalen conceptuele kunst heen moet worstelen, je merkt, ik ben licht bevooroordeeld. Song Dong is de kunstenaar. De eerste zalen bevatten video's van bijvoorbeeld spiegels die kapotgeslagen, verbrand worden. Vooral het laatste levert mooie beelden op. De spiegels bieden genoeg symboliek zonder al te duidelijk te zijn. Gaat het werk over Chinese politiek, vertekende beelden in de media, Song Dongs relatie met zijn vader?
De zalen worden bewaakt door poppen van politieagenten, die tegelijk zelfportretten zijn. Het is een niet heel origineel idee dat je zelf je eigen bewaker bent (zie Foucault), maar de uitwerking is wel erg goed. Een kunstwerk bestaat uit snoepjes die je volgens een bordje mag(!) opeten. Ik heb het niet gedaan en nu ik dit schrijf, bedenk ik pas dat dat waarschijnlijk te maken had met de vijf poppen die erachter stonden.
Het werk dat mij het meest raakt, bestaat uit een verzameling stenen. Ik wil er haast aan voorbijlopen als ik een paar kinderen met kwasten op de stenen zie tekenen. Je kunt met water op de stenen tekenen/schrijven. Ik ga meteen aan het werk en ben verbaasd over hoe mooi het werkt en hoe lang de tekening op de rots blijft staan. Song Dong was ooit begonnen met dit waterschilderen om materiaal uit te sparen. Het water komt terug in veel van zijn werk, omdat het ook staat voor het opgaan in de tijdelijke handeling, als in het taoïsme.
Ik dacht hier zelf laatst over na, omdat ik tijdens het schilderen lang bezig was met details, om deze vervolgens volledig uit te wissen. Een voltooid schilderij bestaat vaak uit verschillende schilderijen over elkaar geschilderd. Ik denk dat het belangrijk is om uren te kunnen werken aan iets dat je vervolgens uitwist. En soms blijft er nog iets moois achter.

Nu is het tijd voor Werkman. Bij mijn ouders hingen vroeger altijd reproducties van Werkman boven de bank. Inmiddels hang ik daar, maar ik ben dus wat nostalgisch als het om Werkman gaat. In het museum merk ik dat ik nooit goed naar zijn werk heb gekeken. Ik herinnerde me de eenvoudige, kinderlijke vormen, maar niet de gevoeligheid in toon en kleur. Van de Chassidische legenden hangt elk werk in duplo, een vetgedrukte en een zachtere met meer tekening. Door zijn eigen manier van drukken, was elke druk uniek. De zachte variant van een werk van een man met een engel, vind ik erg mooi. De engel verdwijnt haast in de achtergrond. Het lijkt ook lichaam en ziel te verbeelden, omdat de man en de engel een identieke gestalte hebben. 
Het experiment is belangrijk voor Werkman. Hij was een kunstenaar uit armoede, wordt in een documentaire over hem gezegd. Wanneer er weinig opdrachten binnenkwamen, werkte Werkman aan zijn drukjes. Hendrik de Vries glimlacht als hij zegt: “Eigenlijk wel toepasselijk, Werk-man.”
Sandberg vertelt hoe hij Werkman meenam naar een depot van het Rijksmuseum. Voor Werkman die niet veel gelegenheid had om te reizen, was dit een heel bijzonder ervaring.

In het Ploegpaviljoen hangt ook nog werk van Werkman, waaronder schilderijtjes. Elke keer als ik het Ploegpaviljoen bezoek, vallen me weer andere schilderijen op. Nu trekken de aquarellen van Alida Pot mijn aandacht. Geweldig dynamische, kleurige werken van simpele onderwerpen.
Een schilderij van Johan Dijkstra hangt tussen twee glazen wanden. Op de achterkant van het doek staat namelijk een tweede schilderij. Uit armoede werden beide zijden van het linnen gebruikt.

Wanneer ik naar huis wil gaan, loop ik door een zaal die volhangt met schilderijen. Tussen een Isaac en een Josef Israëls, zie ik een mooi schilderij van een witte muur. De muur neemt bijna het volledige werk in beslag, maar het is een spannend schilderij. Het heeft ook iets bekends en dan zie ik het, het is een Helmantel.


Ik heb de rijkdom om dagelijks het Groninger museum te bezoeken en toch kom ik er veel te weinig. Ik ben er vandaag weer achter gekomen dat de schatten van Groningen de tocht zeker waard zijn.