woensdag 11 december 2013

open je ogen

"Open je ogen." Ik staar recht in de ogen van Sandrien. Ze was vanochtend naar Washington vertrokken. Ik begrijp het niet, maar ze heeft een dienblad vast waarop twee cannoli's liggen. Ik eet de stukjes chocola van het uiteinde. "Het was door de sneeuw", zegt ze. Ik val weer in slaap.
"Open je ogen." Sandrien is er weer. "Ik ben beter.", zeg ik.
"Kom in de sneeuw." Ik kleed me zo dik mogelijk aan en loop de sneeuw in. Ik loop als een pasgeboren veulen. Ik ben nog ziek, denk ik. Er staat een spierwit gebouw. Guggenheim. De vloeren lopen scheef en in het trapgat draait het duizelig naar beneden. Schreeuwerige teksten. "THESHOWISOVERTHEAUDIENCEGETUPTOLEAVETHEIRSEATSTIMETOCOLLECTTHEIRCOATSANDGOHOMETHEYTURNAROUNDNOMORECOATSANDNOMOREHOME"
We gaan naar huis.
De Italianen zijn aan het koken. Ze maken een grote toren van vlees. Andere gasten komen binnen. Een jazzdrummer. Een beroemde acteur. Een meubelmaker. Een architect. Een kunstenares.
Eerste gang risotto. "Sandrjèn, tradurre..." Tweede gang pasta. "Sandrjèn, bellissima!" Derde gang cotoletta alla milanese. De toren van vlees. "Sandrjèn!" Vierde gang Sfogliatelle. "Gaaike! Sei molto fortunato... Sandrjèn è fantastica!"
Ik eet zoveel ik kan en herinner me dat ik ziek ben. Ik duik weer in bed.
Er aait iets over mijn gezicht. Ik word wakker. Kijk recht in de ogen van Casper, de kat. Hij beweegt voorzichtig zijn poot over mijn wang. Het is de volgende dag. Ben ik beter?
Lex is er. Hij heeft koekjes mee, met zout op de bovenkant. "We waren in het Guggenheim.", zeg ik. "Er waren schilderijen met teksten en soms met een enkel woord erop. We begrepen er niets van."
"Die kunstenaar krijgt wel erg veel eer voor zijn werk, maar toch kan zijn werk in de juiste context wel betekenis hebben. Mensen denken tegenwoordig dat ze het recht hebben alles te begrijpen, maar je moet vaak moeite doen om iets te begrijpen." "Het is toch vreemd dat het in een museum hangt naast werk van Picasso, Vuillard etc." "Misschien moet je niet op de manier naar zijn werk kijken, zoals je bijvoorbeeld naar een Rembrandt kijkt. Misschien moet je zo kijken, zoals je kijkt naar het werk van de vergeten leerling van Rembrandt."
Het gesprek gaat plotseling over wat kunst is.
"Jij bent geen Rembrandt, of tenminste, dat zul je nooit weten. Dat weten we pas over honderd jaar. Het heeft dus geen zin om je iets aan te trekken van wat mensen zeggen. De kunstenaars die we nu als grote kunstenaars beschouwen, maakten hun schilderijen niet met het doel dat andere mensen ze mooi zouden vinden. Als je voor anderen wil schilderen, moet je dat doen, maar dat beschouw ik niet als kunst. En als je nu schildert, wil ik zien dat je Francis Bacon hebt gezien. Hij heeft de kunst veranderd, zoals Picasso dat eerder heeft gedaan. Maar je moet vooral doen wat je leuk vindt. Ik maak zelf wel onderscheid in kwaliteit, omdat ik mijn tijd niet wil verdoen met werk dat me niet verder kan helpen." Zoiets zei Lex.
Ik voel me weer ziek. Mijn borst doet pijn van het hoesten. Ik kruip diep onder de dekens. Ik zie Sandriens rug. Ze zit gebogen over haar laptop te werken. Ik dommel weg.
Ik zie Sandriens rug. Ze is nog aan het werk. Ik val weer in slaap.
"Open je ogen."

Geen opmerkingen:

Een reactie posten